Wel roker, geen alcoholist

Op Zagrebse lantarenpalen kom je soms vreemde berichten tegen. Het is normaal om overal overlijdensadvertenties op te hangen, zodat de buurt kan zien wie er is heengegaan. Vaak zit er een fotootje bij, zodat je weet dat mensen die je alleen van gezicht kent zijn overleden na een zwaar ziekbed en niet aan de gevolgen van een plotselinge hartstilstand.
Dit weekend zag ik een hartverscheurend briefje van een man die op zoek is naar een vrouw. Hij zoekt een vrouw die op hem lijkt, maar we komen niet meer over hem te weten dan dat hij eenzame roker is, maar geen alcoholist. "Nisam alkoholičar, pušač sam." Ik hoop van harte dat hij geluk vindt.


Stem nee, stem HSP

Het Joegoslavië-tribunaal veroordeelde onlangs drie Serviërs die een hoofdrol speelden in de massamoord in het Kroatische Vukovar. Kroaten, van links tot rechts, zijn het erover eens dat de lichte straffen een aanfluiting voor het tribunaal vormen. De held van (rechts) Kroatië, generaal Ante Gotovina, zit al jaren in een Haagse cel en drie Servische massamoordenaars komen er met een oorvijg vanaf - dat is ongeveer de stemming. Premier Ivo Sanader gaat binnenkort naar de Verenigde Naties in New York om Kroatiës woede over de vonnissen te verwoorden, nadat hij en president Stipe Mesic eerst flink ruzie maakten over wie in New York het woord mocht voeren. Sanader is ongetwijfeld oprecht verontwaardigd over de lage straffen, maar ik vermoed dat het hem niet slecht uitkomt. Zijn regerende HDZ staat achter in de peilingen en een bezielende toespraak van "onze" premier in New York zal hem electoraal geen kwaad doen.
In Kroatië gaat het Joegoslavië-tribunaal door het leven onder de naam "Haški tribunal" of simpelweg "Haag" of "Hag". Een partij die nooit iets in Hag heeft gezien is de Hrvatska stranka prava (HSP - Kroatische Rechtenpartij). Vanmiddag stond hun stand bij de roltrap van een winkelcentrum, waar je een handtekening kon zetten tegen Den Haag. "Bescherm je droom" is de slogan en die droom was en is een autonoom en onafhankelijk Kroatië dat zich door niemand de les laat lezen. De huidige HSP is een club rechts-nationalistische oproerkraaiers, met een voorzitter die zijn doctorandustitel bij elkaar loog. Niettemin is de geschiedenis van de partij op z'n zachtst gezegd interessant. Het is de oudste partij van Kroatië (1861) met illustere leiders naar wie talloze pleinen en parken zijn genoemd. Hun voornaamste probleem was, en dat is de kortst mogelijke samenvatting van de Kroatische geschiedenis, dat ze maar niet konden kiezen wie ze het meeste haatten: Wenen, Boedapest, of Belgrado. In 1991 kwam de droom van een onafhankelijk Kroatië uit en sindsdien is het tobben met de HSP. Op 25 november worden verkiezingen gehouden en zullen we zien hoeveel Kroaten Den Haag als nieuwe vijand zien.

Siamese vierling

Wie wij zijn, of denken dat wij zijn, wordt voor een groot deel bepaald door hoe wij anderen zien en hoe anderen ons zien. Maar wat als je vreselijk veel op anderen lijkt? Montenegrijnen hebben de reputatie aartslui te zijn, net als Bosniërs. Zij zijn stijfkoppig en vechtlustig, meer nog dan de Serviërs, want Montenegro is het enige land op de Balkan dat de Turken nooit helemaal onder controle hebben gekregen. De officiële taal was het Servisch, tot gisteren, maar ze gebruiken de ijekavische variant die in Kroatië de norm is. Daarom krijgt een Nederlander die Kroatisch gebruikt in Herceg Novi, een Montenegrijns stadje ten zuiden van Dubrovnik, het verrassende compliment dat hij heel aardig Servisch spreekt. En Montenegrijnse internetadressen eindigen nog altijd op ".yu".
Vandaag heeft Montenegro een kleine stap gezet op weg naar de versterking van de Montenegrijnse identiteit. De diverse politieke partijen die betrokken zijn bij het opstellen van een nieuwe grondwet zijn overeengekomen dat Montenegrijns de officiële taal wordt, maar dat ook Servisch, Bosnisch, Kroatisch en Albanees gebruikt mogen worden. Ik heb alvast medelijden met de Montenegrijnse ambtenaar die moet uitmaken in welke taal iets is geschreven. Hij kan misschien bijkomen in het busstation van Herceg Novi, waar de tijd lekker langzaam gaat.

"Sarajevo is ook van ons"

Voordat de burgeroorlog uitbrak, woonden in het Bosnische Mostar moslims, Kroaten en Serviërs. De laatsten zijn inmiddels zo goed als verdwenen en tussen de moslims en Kroaten botert het niet echt. De stad wordt in tweeën gesneden door de rivier Neretva. De Kroaten wonen vooral op de westelijke oever en de moslims op de oostelijke, maar er zijn natuurlijk uitzonderingen. Dit voorjaar huurde ik voor een paar dagen een kamer bij een gezin op de (Kroatische) westoever en vroeg met welke munt ik moest betalen: Kroatische kuna of Bosnische mark. "Met Bosnische mark natuurlijk, dit is Bosnië", zei de vrouw terwijl we op haar balkon een glas sap en cake nuttigden. Maar voor veel van haar buren is dat niet zo vanzelfsprekend.
Mocht zij Kroatisch zijn, dan is ze van het soort waar Mostar grote behoefte aan heeft. Veel Bosnische Kroaten balen er namelijk van dat ze in dezelfde republiek wonen als de meeste moslims (de Bosnische Serviërs hebben hun eigen republiek, Republika Srpska) en steken weinig energie in het verbeteren van de onderlinge verhoudingen. In 2000 bouwden ze bijvoorbeeld een enorm katholiek kruis op dezelfde heuvel vanwaar de moslims in de oorlog werden beschoten, eerst door Servische en later door Kroatische troepen.
Het concert dat de Kroatische zanger Thompson (echte naam: Marko Perković) vorige week in Mostar gaf, zorgde opnieuw voor verhitte gemoederen. Thompson, de naam is ontleend aan een Amerikaans machinepistool, is een controversiële maar erg populaire figuur in Kroatië. Zijn songs staan bol van het Kroatische nationalisme en zijn fans dragen vaak kleding met fascistische opschriften. Om die reden zijn Thomspsons concerten verboden in Nederland en Sarajevo. Zelfs spreekt hij liever over de "universele menselijke waarden" in zijn teksten: liefde voor God, het vaderland, vrienden en gezin.
Ondanks protest van de Mostarse moefti en joodse organisaties vond het concert gewoon plaats. De Bosnische kranten schreven er op hun eigen wijze over: "Openlijke manifestatie van Kroatisch fascisme" (Dnevni avaz) of "Bespottelijke beschuldigingen van de moefti" (Dnevni list). Thompson zelf legde tijdens het concert alvast de basis voor een nieuwe controverse: "Wij gaan met z'n allen naar Sarajevo" riep hij tegen het publiek. "Dat is ook onze stad, ook een Kroatische stad."

Dinamo Zagreb vs. Ajax Amsterdam

Twee uur lang zat ik gisteravond te blauwbekken op de zuidtribune van het Maksimir-stadion. Om mij heen zaten Dinamofans van het gemoedelijke soort, kauwend op pompoenpitten of kluivend aan een geroosterde maïskolf. In de uiterste linkerhoek van de tribune stond een handjevol zwijgende Ajax-supporters. Na ons ruim een uur stierlijk te hebben verveeld, scoorde Rommedahl een doelpunt. Tenminste, dat bleek toen ik thuis naar de televisie keek, want in het stadion ging het moment volledig aan me vooorbij.
Het interessantst aan de wedstrijd waren de Bad Blue Boys die de noordtribune bezetten. Twee uur lang schreeuwden ze hun kelen schor en ik prees me gelukkig dat ik er niet tussenin zat.
In Amsterdam zal Dinamo het zonder hen moeten doen. Ik houd mijn hart vast.

Joegoslavië in een notendop

Als aanvulling op een eerder bericht over de Yugo GV staat hieronder de videoclip van het nummer "Jugo 45" van de Bosnische rockband Zabranjeno pušenje. Behalve een ode aan een auto is "Jugo 45" ook een korte geschiedenis van Joegoslavië. Serviërs, Kroaten en moslims (Mirso, Franjo en Momo) gebruikten de Jugo om in Triëst spijkerbroeken te kopen, appels op de markt te verpatsen, hun hoogzwangere vrouw naar het ziekenhuis te brengen en naar de zee te gaan. Het was een goede tijd, en alles was op krediet.
In 2007 rijden Kroaten het liefst in Westerse auto's, maar ze gaan nog altijd naar Triëst of Graz voor goedkope kleding (met de "šoping bus"). Serviërs rijden nog naar de zee, maar dan de Montenegrijnse omdat ze bang zijn dat hun auto in Kroatië wordt gemold. Alleen de moslims in Bosnië gaan nergens heen. Die zijn veroordeeld tot een bestaan in de moslim-Kroatische federatie die de meeste (Bosnische) Kroaten liever gisteren dan vandaag opgedoekt zien. Elke toerist die met de auto richting Dubrovnik rijdt, kan dat met eigen ogen zien. Volg bij de Kroatische kustplaats Ploče de borden Mostar/Sarajevo en in een oogwenk zit je middenin history in the making.

For whom the bell tolls

Voetbal interesseert me maar matig en een stadionbezoeker ben ik al helemaal niet, maar nu Ajax naar Zagreb komt om tegen de plaatselijke Dinamo te spelen, dacht ik: daar ga ik heen. De kaarten voor de wedstrijd zouden volgens diverse berichten in een mum van tijd zijn uitverkocht, maar vanmiddag kon ik nog gewoon kiezen waar ik wilde zitten.
Voor 8 euro bemachtigde ik een plaatsje op de zuidelijke tribune, die volgens de verkoper de rustigste is. De harde kern van de Dinamo-aanhangers, de beruchte Bad Blue Boys, zou zich ophouden op de noordtribune waar de sfeer op z'n zacht gezegd indrukwekkend is.
Bureau Belgrado-correspondent Werner Bossmann schreef pas over het mooiste voetbalstadion in Europa, dat in Kroatië staat, en het is niet het Maksimir-stadion van Dinamo.
Maksimir kun je met veel goede wil een interessante mix van oud en nieuw noemen, want het verkeert halverwege een veel te ambitieus renovatieproces dat al jaren stil ligt.

Dat geldt in zekere zin ook voor Ajax. De coach van Dinamo moest erkennen dat de namen van de meeste Ajaxieden hem niets zeiden. Desondanks meldde het sportjournaal: "Stigao je veliki Ajax", het grote Ajax is gearriveerd.
Tsja. Vergeleken met de gebruikelijke tegenstanders Inter Zaprešić of Varteks Varaždin is Ajax inderdaad een grote club.

Mona Lisa, alias Yugo GV

Na een maand te hebben vertoefd in Noordwest-Europa ben ik weer terug in Zuidoost-Europa. Zo noemen Kroaten dit deel van Europa graag, want dat klink beter dan Oost-Europa of Balkan. De frase "dit deel van Europa" is trouwens ook populair. De hoogste kathedraal, het rijkste volk, de duurste film, het grootste winkelcentrum ...in dit deel van Europa. In dit deel van Europa bestaan nauwlijks of geen tandoorirestaurants, wokpaleizen, ramsjwinkels, Chinese supermarkten, lachende verkoopsters. Er is ook van alles wel, maar ik zit nog teveel in de culture shock om het daar over te hebben. Daarom trap ik het nieuwe seizoen van Balkan in beeld af met melancholisch nieuws. Time Magazine heeft de Yugo GV opgenomen in de lijst van 50 slechtste auto's ooit, maar noemt hem de Mona Lisa onder de brakken. Zo heeft hij achterruitverwarming om te voorkomen dat je koude handen krijgt bij het aanduwen. Yugo, or you don't go.
De Yugo GV (deze naam werd alleen voor de Amerikaanse markt gebruikt) gaat in ex-Joegoslavië door het leven als de Jugo 45 (četrdeset i pet). De auto werd door de rockband Zabranjeno pušenje bezongen:

Kazu da su cuda svijeta
piramide Africke
kazu da su cuda svijeta
velike rijeke Indije

Al' nijedno cudo nije
bilo ravno onome
kad je stari uparkir'o
u bascu Jugu 45

Skupio se sav komsiluk
i pola rodbine
ono pola nije moglo
nije moglo od muke

Stara napravila mezu
ispekla 'urmasice
stari otis'o u granap
po jos logistike

Bilo je to dobro vrijeme
sve na kredit, sve za raju, jarane
u auto naspi corbe
pa u Trst po farmerke

Bilo je to dobro vrijeme
te na izlet, te malo na more
u kuci puno smijeha
u basci Jugo 45

Vozio komsija Franjo
da proda jabuke
vozio komsija Momo
da mu zenu porode

Vozio ga dajdza Mirso
kad je is'o u kurvaluke
vozio ga malo i ja
kad bi mazn'o kljuceve


Virio sam jedno vece
iz basce cuo glasove
Momo, Franjo, dajdza Mirso
nesto tiho govore, onda pruzise si ruke

Na komsiju se ne moze
onda popise po jednu i razgulise
izgledao je bas mali to vece
nas Jugo 45

Pobjegli smo jednog jutra
s dvije kese najlonske
prvo malo Lenjinovom
pa preko Ljubljanske

Danas nam je mnogo bolje
novi grad i novi stan
stari nam je postao fora
kantonalni ministar

Ali meni je u glavi
uvijek ista slika, isti fles
stara kuca, mala basca
i u njoj Jugo 45

Ali meni je u glavi
uvijek ista slika, isti fles
stara kuca, mala basca
i Jugo 45


Franjo, Momo en Mirso reden in dezelfde Jugo, maar Joegoslavië bleek te klein voor ze. Zabranjeno pušenje ging uiteen in de oorlog en Zastava werd in 1999 aan diggelen gebombardeerd door de Navo.
In het voorjaar zat ik in de trein van Sarajevo naar Zagreb. In Banja Luka stapte een man van een jaar of zestig in, op weg naar Bosanski novi. Ik vroeg hem naar de naam van de rivier waarlangs we reden en hij zei: "Sana". Zijn kinderen en hijzelf woonden in Zweden, maar oorspronkelijk kwam hij uit Prijedor. Hij was ergens in de jaren negentig vertrokken en nu voor bezoek weer terug in zijn geboorteland.
"Speel je basketball?", vroeg hij.
"Nee, daar ben ik niet lang genoeg voor."
Hij mijmerde over de oude successen van de Joegoslavische basketballers, terwijl hij naar de Sana keek. "Bila je divna zemlja", zei hij opeens. Het was een prachtig land.

Massagraf

In onder andere NRC Handelsblad stond te lezen: "Onderzoekers hebben in Slovenië een enorm massagraf uit de Tweede Wereldoorlog ontdekt. Dit berichtte de Sloveense krant Delo donderdag. Het graf met overblijfselen van ongeveer 15.000 mensen zou een van de grootste in Europa kunnen zijn. Volgens het dagblad, dat zich baseert op onderzoek van een Sloveense gouvernementele commissie, gaat het om een antitank-loopgraaf van 1 kilometer lang, circa 5 meter breed en ongeveer 2 meter diep, die vol ligt met botten. De aangetroffen voorwerpen bevestigen dat het merendeel van de slachtoffers Kroatisch-fascistische soldaten waren met hun familieleden. Zij werden vastgehouden door het toenmalige Joegoslavisch-communistische leger." En vielen vervolgens in de handen van Tito's partizanenleger.
In Kroatië staat deze gebeurtenis bekend als de tragedie van Bleiburg. Bij Bleiburg, een plaatsje in het zuiden van Oostenrijk, hield het Britse leger een enorme colonne tegen van...ja, van wat? Van Kroatische fascisten met heel veel bloed aan hun handen, zegt de een. Van onschuldige anticommunistische Kroaten, zegt de ander. Zo bezien is de ANP-formule "Kroatisch-fascistische soldaten met hun familieleden" niet slecht gekozen. Hoe dan ook, de jaarlijkse Bleiburg-herdenking wordt vooral bijgewoond door lieden die niet deugen. Nadat in voorgaande jaren de aanwezige Kroatische politici werden uitgescholden en onderbroken door neonazi's, laten de meeste politici de Bleiburg-beker aan zich voorbijgaan. De opperkatholiek van Kroatië, aartbischop Josip Bozanic, kan daar niet mee zitten en speelt al jaren een voorname rol in de Bleiburg-herdenking.

Hoera, een file!

Kroaten zijn, terecht, apetrots op hun Adriatische kust. Elk jaar stijgt het aantal toeristen dat Kroatië bezoekt spectatulair. In juni 2007 kwamer er 1,3 miljoen toeristen binnen, en dat is de eerste echte vakantiemaand. Wie 's winters over de Magistrala rijdt of de nieuwe snelweg Zagreb-Split neemt komt geen hond tegen, maar 's zomers staan er kilometerslange files voor tolpoortjes en grensovergangen. Dit relatief nieuwe verschijnsel wordt in de media breed uitgemeten (zie de voorpagina van Vjesnik). De dagelijkse file van een paar kilometer voor de tunnel Sveti Rok kan dag in dag uit het openingsnieuws van het journaal zijn.
"We gaan nu naar Svetlana, die al de hele dag bij grensovergang Macelj staat. Svetlane, kako je situacija? Hoe staat het ervoor?" Svetlana probeert al de hele dag te overleven bij 35 graden met al dat blik om haar heen en ziet er afgepeigerd uit, maar het doet haar zichtbaar genoegen dat zovelen haar land willen bezoeken.
In andere landen is de hoofdstad een belangrijke toeristische trekpleister, maar niet in Kroatië. Zagreb is 's zomers merkbaar rustiger dan anders. Het aantal toeristen dat Zagreb aandoet groeit weliswaar stevig, maar is in de verste verte niet voldoende om de uittocht van Kroaten naar de kust te compenseren. Want alleen pechvogels brengen de zomer in Zagreb door.