In de kiem gesmoord

Al jaren keek ik er verlangend naar uit: goedkoop vliegen naar, van en in de Balkan. Dit jaar leek het budgetvliegen eindelijk echt van de grond te komen. De trams in Zagreb zijn beplakt met reclame voor Germanwings, waarmee je voor een paar tientjes naar Keulen, Stuttgart, Hamburg en Berlijn kunt vliegen, en Wizz Air onderhoudt sinds maart een verbinding tussen Zagreb en Londen. Daarnaast zijn er een paar goedkope vluchten van en naar Pula, Dubrovnik, Zadar en Split, maar die worden vooral in het zomerseizoen aangeboden. Als je in Zagreb woont en naar een ander land dan Duitsland of Engeland wilt, kun je het beste met de trein naar Boedapest reizen en daar vandaan vliegen. Even leek het erop dat je vanaf deze herfst ook Belgrado als uitvalsbasis kon gebruiken, want in Servië was Centavia begonnen met het aanbieden van goedkope vluchten. En meer dan dat: je zou zelfs van Zagreb naar Belgrado kunnen vliegen.
Helaas was Centavia geen lang leven beschoren. B92 meldde op vorige week dat het bedrijf wegens tegenwerking op allerlei fronten er de brui aan geeft. De Servische markt zou simpelweg nog niet klaar zijn voor gezonde concurrentie. Het buitenland werkte ook niet mee. Kroatië en Montenegro gaven Centavia geen toestemming om in Zagreb en Podgorica te landen wegens onopgeloste problemen met Servië. Dus wie naar Belgrado wil is nog altijd aangewezen op de Autoput bratstva i jedinstva (snelweg van Broederschap en Eenheid) of op de trein. Reistijd: 6 tot 7 uur. Afstand: 400 kilometer.

Boekenbeurs

Van 7 tot 11 november werd in Zagreb de jaarlijkse boekenbeurs gehouden. In twee hallen van de RAI van Zagreb (Zagrebacki velesajam) toonden Kroatische uitgevers hun nieuwste waar. Een informatiefolder deelt in het Engels mee dat "vermeld dient te worden dat INFO 2005 meer dan 80.000 bezoekers en aanzienlijke media-aandacht trok. Dit jaar verwachten we meer dan 100.000 bezoekers". Waarop de verwachting is gebaseerd dat dit jaar 25 procent meer bezoekers te boekenbeurs zullen aandoen, weet ik niet, maar ik vermoed dat het te maken heeft met de "besplatan ulaz" (gratis toegang) die de billboards beloven. De toegang was inderdaad gratis en het was druk, zelfs al om 11 uur.
Een vriendin van mij werkte als - ja, als wat? - in een uitgestorven stand waar drie apparaten van Tesla stonden opgesteld. Waarvoor de apparaten dienden, wist ze niet en begeleidende informatie ontbrak. Omdat haar stand niets had om te verkopen (Tesla's apparaten horen in een museum) hielp ze de uitbaatster van een belendende kraam met de verkoop van boeken.
De beloofde twintig uitgevers uit het buitenland kon ik niet vinden, op de vertegenwoordigingen uit Bosnië, Slovenië, Iran, Montenegro en Servië na, maar de Kroatische uitgevers lieten zich niet onbetuigd. Voor een klein land als Kroatië brachten ze veel nieuwe uitgaven en her en der werd zelfs gestunt met prijzen. Dat laatste in Kroatië niet echt gebruikelijk. Bijna alles, en vooral boeken, kost overal min of meer hetzelfde. Daarom kon het Kroatisch Encyclopedisch Woordenboek, dat was afgeprijsd van 600 naar 200 kuna, op warme belangstelling van studenten Kroatisch rekenen. Ik heb zelf ook een exemplaar aangeschaft, zo groot als een Rembrandtbijbel en vijf kilo zwaar. Daarnaast vond ik voor nog geen twee euro The capitalist revolution, altijd handig in een discussie met locals die soms fel tegen het kapitalisme zijn, behalve als het zich manifesteert als Westerse auto, goedkope supermarkt, low cost airline, snelle internetverbinding, hippe schoen, mobieltje, breedbeeldtelevisie...

Belgisch bier

In de supermarkt is het aanbod van buitenlands bier nog erg beperkt, maar Zagreb heeft sinds een paar weken wel een café waar uitsluitend Belgisch nat wordt geschonken. In café Hopdevil - gevestigd in het Branimir centar, niet ver van het Centraal Station - zijn 101 soorten Belgisch bier verkrijgbaar. Voor de aankleding van het café werd maar liefst tien ton Belgisch steen gebruikt dat met een speciaal transport naar Kroatië is gebracht. De muren worden gesierd door levensgrote kopieën van schilderijen uit de renaissance. Volgens de eigenaar, van orgine een Belg, is dit de best voorziene Belgische pub in heel Europa. Hoog tijd dus om poolshoogte te nemen. Helaas stond ik de eerste keer, in gezelschap van verwachtingsvolle vrienden die dit nieuws hadden gemist, voor een dichte deur. Toen ik zei dat in de krant stond "...opent binnenkort..." werd ik hartelijk uitgelachen. Na acht maanden Kroatië had ik inderdaad beter kunnen weten... Een paar weken later schreven drie verschillende kranten dat Zagreb een exclusieve Belgische pub rijk was en dat de opening was verricht door Milan Bandic, de burgemeester. ('t Zou me verbaasd hebben als het anders was geweest. Er gebeurt in Zagreb bijna niks zonder de aanwezigheid van president Mesic of premier Sanader.) Inmiddels ben ik twee keer met plezier in Hopdevil geweest, maar mijn stamcafé wordt het niet. Het is natuurlijk prettig een biertje te drinken dat je nergens anders kunt krijgen, maar de muziek staat te hard en echt comfortabel kun je er niet zitten. De 101 soorten bier moet je ruim opvatten: Westmalle, Westmalle Dubbel, Westmalle Tripel tellen als drie soorten. Exclusief is het zeker, want een biertje doet 3 tot 5 euro. De inwoners van Zagreb lijken er niet om te malen, want elke avond zit Hopdevil stampvol.

Shoppen in Graz

Wie op vakantie gaat naar Kroatië en denkt goedkoop van alles en nog wat mee naar huis te kunnen nemen, komt bedrogen uit. Wie de prijzen in de supermarkten ziet, kan maar moeilijk geloven dat de Kroaat gemiddeld 500 euro per maand verdient. Met name levensmiddelen zijn erg duur. Ook is Kroatië nog verstoken van veel internationale ketens, zodat je voor elektrische apparaten en kleding naar kleine winkels met grote prijzen moet. Bij busbedrijf Daltamacijaturist dachten ze daarom: als de ketens niet naar Kroatië komen, komen wij naar de ketens. Het bedrijf verzorgt voor ongeveer 11 euro (niet als enige overigens) op donderdag en zaterdag speciale winkeluitjes naar Graz in Oostenrijk.
Vanuit Zagreb bezien is Graz de eerste grote stad waar het kapitalisme al geruime tijd zijn zegenrijke werk doet, en waar je dus voor minder geld meer producten van een hogere kwaliteit kunt kopen. Anders gezegd: een Nederlander reist met een bus van vermoedelijk Duitse makelij van Zagreb naar Graz, dwars door Slovenië, om in een Zweedse winkel (IKEA) een braadpan te kopen die in China is vervaardigd. Om van dit staaltje globalisering te kunnen profiteren, moet je wel vroeg opstaan, want de bus vertrekt al om half zes 's ochtends van het busstation (Autobusni kolodvor). Op een paar stoelen na werden alle plaatsen bezet door vrouwen. Rond een uur of negen arriveerden we in Graz. De shoppingbus stopt bij drie verschillende winkelcentra en in het stadscentrum. Drie uur later maakt de bus een rondje langs alle haltes, zodat je een ander winkelcentrum kunt bezoeken en de aangeschafte spullen in de laadruimte kunt zetten. Afgaand op de plastic tassen waren vooral IKEA, H&M, Mediamarkt en Zara populair; stuk voor stuk ketens die geen vestiging in Kroatië hebben. Hoewel ik er niet als Kroaat uitzie, voelde ik me in toch een beetje als een Oost-Duitser die met grote ogen het aanbod in het Westen bekijkt. Zeker als je met een felblauwe IKEA-tas aan de rand van een grote parkeerplaats staat te wachten op een bus naar Zagreb, wil je alle Oostenrijkers toeschreeuwen dat je eigenlijk uit een normaal land komt en je geen flauw idee hebt hoe je tussen al die Kroaten verzeild bent geraakt.
Alle passagiers waren op tijd bij de halte aanwezig en onze bus vertrok tot vreugde van onze reisleidster als eerste. (Die dag reden er nog negen Kroatische bussen naar Graz.) Waarom zij blij was dat wij het Kroatische konvooi aanvoerden, werd me duidelijk toen zij ons de te verwachten rompslomp aan de grens tussen Kroatië en Slovenië uit de doeken deed. De douaniers zouden in de bus stappen en een ieder vragen zijn aankoopbonnen te tonen. De reisleidster waarschuwde ons dat het onverstandig was "Nemam nista" (Ik heb niks) tegen de douanier te zeggen omdat die zich, heel begrijpelijk, niet kan voorstellen dat een Kroaat met een speciale shoppingbus naar Oostenrijk reist om met lege handen terug te keren. Als we pech hadden, zouden we allemaal de bus moeten verlaten, onze aankopen uit de laadruimte moeten halen en deze aan de douanier laten zien. Bovendien is het niet slim een douanier, die in alle Balkanlanden vaak wordt aangenomen wegens zijn onvriendelijkheid, tegen je in het harnas te jagen. In de praktijk bleek het allemaal erg mee te vallen. Bij aankomst aan de grens lag onze bus nog steeds aan kop en de douaniers waren liever lui dan moe. Ze loerden wat in de laadruimte en hoefden onze paspoorten en aankoopbonnen niet te zien. Uit blijdschap over de snelle gang van zaken wond ik me niet op over het kapotte leeslampje boven mijn stoel, maar genoot ik van schaars verlichte dorpjes langs de donkere snelweg.

Nationaal Theater

Het antwoord op de vraag waarom de Kroatische steden langs de Adriatische Zee zoveel interessanter en mooier zijn dan die in het binnenland ligt besloten in de eeuwenlange overheersing van de kust door Venetië. Voor de steden in het binnenland geldt dat de aantrekkelijkheid ervan in hoge mate samenhangt met de hoeveelheid gebouwen die door de Oostenrijkers zijn neergezet. Omdat ik Venetiaan noch Oostenrijker ben, kan ik dat zonder spoor van chauvinisme zeggen. Ook voor veel architectonische blikvangers in Zagreb geldt dat ze door buitenlandse handen gebouwd dan wel ontworpen zijn.
Met name de Weense architect Herman Bolle heeft zijn sporen achtergelaten. Na de grote aardbeving van 1880, die een groot deel van Zagreb zwaar beschadigde, was hij betrokken bij de restauratie van talloze monumentale gebouwen. Wat nieuwbouw betreft is Bolle onder meer verantwoordelijk voor de ontzagwekkend grote ommuring van de begraafplaats Mirogoj en het zachtgeel gekleurde Museum voor Kunsten en Ambachten. Tegenover dit museum staat een ander geel gebouw, het Nationaal Theater, ontworpen door de Weense architecten Fellner en Helmer en officieel geopened door de Oostenrijkse keizer Franz Joseph I in 1895.
Een balletvoorstelling bood een goede gelegenheid het gebouw eens van binnen te bekijken. De voorstelling zelf was niet bepaald geweldig - tientallen ballerina's in zuurstokkleurige jurkjes hadden bijna drie uur nodig voor het verhaal van Doornroosje - maar het interieur van het theater overtrof de verwachtingen. Naast prachtige galerijen kun je er bustes van Kroaten bewonderen die actief zijn geweest in of voor het theater, zoals Miroslav Krleza. Het gebouw heeft diverse balkons, die een mooi uitzicht bieden over het plein dat nog altijd heet naar maarschalk Tito (Trg marsala Tita) en de daaraan gelegen culturele en universitaire instellingen.

Oostenrijk

Net over de Sloveens-Oostenrijkse grens is een Weinstrasse en als je toch al in Maribor bent, is Oostenrijk vlakbij. Hoewel Oostenrijk is geen enkel opzicht op Nederland lijkt, was het toch een beetje een thuiskomst: alle huizen zitten goed in de verf, het is duidelijk waar je wel en niet mag parkeren, het asfalt glimt en alle bezienswaardigheden worden met bordjes aangegeven. De route voert door een idyllisch landschap vol beekjes, dorpen, kerktorens. Een van die dorpjes is Ehrenhausen.
Van grote afstand zie je op een heuveltop groot gebouw liggen dat het houdt tussen een kasteel en een veel te grote villa. Het gebouw kan helaas niet bezichting kan worden, maar alleen het lezen van het waarschuwingsbord was al een groot genoegen - vooral omdat ik vermoed dat de eigenaar de tekst zonder enige ironie heeft bedoeld. Naast het kasteel bevindt zich een merkwaardig gebouw: een tempeltje met twee gigantische standbeelden ernaast. Wat het voorstelt weet ik nog niet, maar de standbeelden doen denken aan Teutoonse ridders. Wie in Ehrenhausen is, moet eigenlijk ook even naar Schloss Gamlitz. Voor een paar euro kun je authentieke gerechten uit Steiermarken proeven en kiezen uit een de kaart van de wijnmakerij die al bijna 900 jaar bestaat.

Maribor

De geografische ligging van Zagreb zorgt ervoor dat veel interessante steden uit omringende landen sneller te bereiken zijn dan de meeste Kroatische "parels" aan de kust. Weliswaar rijd je over de snelweg in een uur of twee van Zagreb naar de havenstad Rijeka, maar van Rijeka naar de toerische hotspots (Istrië, Dalmatië, en de vele eilanden) is nog een heel eind. Zeker in de zomer wordt de E65 alias Magistrala, die zo'n beetje langs de gehele Adriatische kust loopt, druk bereden door campers en caravans waardoor opschieten lastig is. Voor wie geen haast heeft, is het echter een magistrale route: meer dan duizend kilometer zuidwaarts, met direct aan de linkerhand de Dinarische Alpen en aan de rechterhand de Adriatische Zee.
Wie over deze weg rijdt, van Rijeka in het noorden naar Dubrovnik in het zuiden, komt driekwart tegen van alles wat Kroatië de moeite waard maakt. Bovendien kun je (nog altijd) zeggen dat je in Bosnië bent geweest, daar het zuidelijkste deel van Kroatië door een twintigtal kilometers Bosnische kust van de rest van het land wordt gescheiden. "Nog altijd", want vlak voor de Bosnische kust ligt het Kroatische schiereiland Peljesac van 65 kilometer lengte en dezer dagen bouwen de Kroaten aan een brug tussen het vasteland en Peljesac, zodat je in de toekomst via dit schiereiland Bosnië kunt omzeilen. Wijlen dr. Franjo Tudjman zou met genoegen bij de opening het lintje hebben doorgeknipt, maar ondertussen dolblij zijn dat er bij Dubrovnik al een brug naar hem vernoemd is. Het is immers nogal lullig om de naamgever te zijn van een brug die twee stukken Kroatië verbindt, terwijl de afspraak met Milosevic nu juist was om Bosnië in tweeën te hakken.
Het paasweekeinde was helaas te kort voor Peljesac, dus besloten we een auto te huren en naar het Sloveense Maribor te rijden. Het leek ons een goed idee te huren bij een internationaal opererend autoverhuurbedrijf (Europcar), maar helaas bleek dit bedrijf gedomesticeerd te zijn. Een onvriendelijk heerschap stond ons te woord op een toon alsof het belachelijk was dat wij de informatie op de Kroatische Europcar-website serieus hadden genomen. Nadat hij tegen een buitenlandse klant zei: "Hier tekenen! Er is niks aan de hand als de gegevens niet helemaal kloppen", leek het ons beter naar wat anders uit te kijken. Bij toeval zagen we een uithangbord van Auto Emilio. De Italiaanse naam boezemde me niet veel vertrouwen in, maar de verhuurafdeling bleek te worden gerund door een reuzeaardige vrouw die onwaarschijnlijk veel geduld had met ons gebrekkige Kroatisch. Om kort te gaan: we spraken af de volgende dag een handgeschakelde Opel te huren, of een Honda met automaat voor het geval de Opel niet op tijd door de vorige huurder zou worden ingeleverd. De volgende ochtend was de Opel natuurlijk in geen velden of wegen te bekennen, dus probeerde ik me uit alle macht te herinneren waar de letters P, N, R, D4, D3, enzovoort ook alweer voor stonden. Na wat gepruts onder toeziend oog van de verhuurmevrouw had ik het rijden met de automaat onder de knie en togen we richting Maribor. Diverse Kroaten hadden ons gewaarschuwd dat Maribor een typische industriestad was, maar dat viel erg mee.
Toegegeven, meestal is de tweede stad van een willekeurig land veel aantrekkelijker dan Maribor, maar vergeleken met veel Kroatische continentale stadjes steekt Maribor - vroeger bekend onder de naam Marburg an der Drau - gunstig af. De stadsdelen met industrie liggen aan de zuidzijde van de rivier de Drava; het oude centrum aan de noordzijde. Langs de rivier zijn diverse verdedigingstorens uit de 14de eeuw te zien. Je kunt langs het water voor een schappelijke prijs eten en drinken in een van de vele café-restaurants, want hoewel Slovenië een stuk welvarender is dan Kroatië zijn de prijzen in Maribor een stuk lager dan in Zagreb. Niet ver van de bogenbrug over de Drava, gebouwd in 1913, is de oudste wijnrank ter wereld te bewonderen. Ruim 400 jaar geleden werd de rank gepland en nog altijd levert hij genoeg druiven voor enkele tientallen liters wijn per jaar. Iets verderop langs de rivier begint de oude joodse wijk, waaraan nog flink wat opgeknapt moet worden. Zo staat er een fiks klooster uit de 13de eeuw op instorten evenals een synagoge. Net boven de rivier ligt het belangrijkste plein van de stad, Glavni trg, met groot momunent ter nagedachtenis aan een pestepidemie. Rondom het plein staan oude, voorname gebouwen. Nog verder naar het noorden bevindt zich het Slomskov trg met als blikvanger de Kathedraal van Johannes de Doper. Het plein alias park is omgeven met typisch Oostenrijkse gebouwen uit de 19de eeuw: een magnefiek postkantoor, het nationaal theater, de zetel van de universiteit enzovoort. Weer een ander plein, Grajski trg, biedt plaats aan het kasteel van Maribor. In het kasteel zou een alleraardigst museum gehuisvest zijn, maar door de gesloten deuren was niet meer te zien dan een rijk gedecoreerd trappenhuis. Ook het stadspark is zeker de moeite waard.
Wie op zoek is naar een oude radio, kan terecht in een gespecialiseerde winkel. Al met al: Maribor is een stuk mooier en interessanter dan Varazdin waar zoveel Kroaten trots op zijn. Het centrum is het socialisme redelijk ongeschonden doorgekomen en je kunt er makkelijk een paar uur rondwandelen.

Vlooienmarkt Hrelic

Wie in Zagreb te klein behuisd is, kan op de markt Hrelic zijn overtollige huisraad kwijt. Elke zondag is op de zuidelijke oever van de rivier Sava een grote vlooienmarkt, op een steenworp afstand van de stedelijke vuilstort. Eigenlijk zijn het drie markten: een voor auto's, een voor nieuwe kleding en schoenen, en een voor tweedehands spullen. De locatie is niet bepaald aantrekkelijk, wat eigenlijk voor heel Zagreb bezuiden de Sava geldt (Novi Zagreb). In sommige steden wordt een rivier als een verrijking gezien, als een handig transportmiddel of mooi om langs te wonen, maar hier zag men de Sava vooral als een vervelende onderbreking van het land. Een stuk of vier spuuglelijke bruggen overspannen het water, waarachter een soort mega-Bijlmermeer begint. Om op de markt te komen, moet je met tram 8 de Most Mladosti (Brug van de Jeugd) over en uitstappen bij het eindpunt (Zaprudje) of één halte eerder. Daarna hoef je slechts de enorme stoet auto's en voetgangers te volgen die zich langs de rivierdijk naar de markt beweegt.
Het is lastig te zeggen wat er precies te krijgen is op de markt, want het ligt er maar net aan waar iemand die dag vanaf wil. Auto-onderdelen zijn er altijd te koop, en dan met name die je in Nederland meestal bij een autosloperij haalt: bumpers, motordelen waarvan ik de naam niet ken, versnellingsbakken en -poken, schokdempers, handels waarmee je de ramen open en dicht kunt draaien, enzovoort. Verder kwam ik glaswerk tegen dat je normaalgesproken alleen in een scheikundig laberatorium vindt, een afleving van het Duitse jachttijdschrift Wild und Hund uit 1911, putdeksels, biografieën van Tito, elektrische apparaten zonder snoer, en bovenal een ongelofelijke hoeveelheid rotzooi.
Je vraagt je af waar mensen de energie vandaan halen om die troep elke week naar de markt te brengen, in het grind te leggen, en bij tegenvallende verkoop weer mee naar huis te nemen. Hoe dan ook, voor West-Europeanen is het een leuke attractie. Hrelic wemelt verder van de eettentjes, die er niet allemaal even betrouwbaar uitzien maar al om 10 uur 's ochtends stampvol zitten. Wij aten trouwens zonder gevolgen broodjes hamburger en cevapcici (gehaktballetjes met kruiden en ui) in de grote bruingeverfde schuur die vanaf elke plaats op de markt goed te zien is.
Mijn enige aankoop is een nieuw radiootje van Chinese makelij (met aanwijzingen in ondoorgrondelijk Engels op de verpakking) ter grootte van een mobiele telefoon voor 4 euro, inclusief batterijen van het merk Sqmy die worden gemaakt door het bedrijf Yiwu Jin Ling Battery Co., Ltd. Dat ze na paar uur al leeg waren, verbaasde me op de een of andere manier niet. Het radiootje zelf werkt daarentegen voortreffelijk.

Samoborsko Gorje

Het gebied ten westen van Zagreb, tot aan de Sloveense grens, staat bekend als Samoborsko Gorje (de bergen van Samobor). Met bus vol internationale studenten toog ik richting de Sloveense grens om een wandeling te maken in een van de natuurreservaten (vanuit Slovenië geredeneerd het uiterste zuidwesten). Aldaar werden we rondgeleid door een bioloog die ook op de hoogte was van de vroegste geschiedenis van het gebied. Hij nam ons mee naar de tientallen grafheuvels die duidelijk zichtbaar zijn in het landschap en wees ons op andere sporen van bewoning, zoals grotten die al duizenden jaren in tijden van oorlog als schuilplaats worden gebruikt; voor het laatst in de Tweede Wereldoorlog. Bij een eventuele volgende oorlog zijn de grotten waarschijnlijk niet nodig, want de bevolking van de dorpjes in het reservaat neemt al lange tijd dramatisch af. In een van de dorpen staat een piepklein enthografisch museum dat door een non wordt gerund. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat er niet veel valt te zien, onder meer omdat het oorspronkelijke museum in de Tweede Wereldoorlog is afgebrand. De tentoonstelling bestaat uit wat potten en pannen, werktuigen, en poppen die de lokale klederdracht dragen. Leuker is het om wandelingen te maken en onverwacht een waterval tegen te komen, in een grot te loeren, of de bijzondere plantengroei in eeuwenoude poelen te bewonderen.

Varazdin

In bijna alle opzichten wordt Kroatië gedomineerd door Zagreb. Bijna een op de vijf Kroaten woont in de hoofdstad en vrijwel alle belangrijke politieke en culturele instellingen zijn er gevestigd. De tweede stad van het land, Split, is met 190 duizend inwoners vier tot vijf keer kleiner dan Zagreb. De enige andere stad met meer dan 100 duizend inwoners is Rijeka. De tiende en meest noordelijke stad van het land is Varazdin, ter grootte van Middelburg. Van de continentale steden is Varazdin een van de interessantste. De blikvanger van Varazdin is het vriendelijk ogende kasteel, dat nu onderdak biedt aan het Stadsmuseum. In de afgelopen vijfhonderd jaar is het kasteel een aantal malen ingrijpend verbouwd, en alleen de grijze vestingmuur links op de foto herinnert aan het oorspronkelijke ontwerp.
Op een steenworp afstand ligt het Tomislav-plein (Trg Kralja Tomislava). Aan dit plein staat onder andere het Draskovic-paleis, dat van 1756-1776 fungeerde als parlementsgebouw. Het wapen van deze familie Draskovic is terug te vinden in het prachtige altaar van de kathedraal van de Hemelvaart van de Gezegende Maagd Maria (Uznesenja Blazene Djevice Marije). Voor de andere kerken in Varazdin geldt wat voor de kathedraal geldt: klein, maar rijkelijk versierd.
Op een kwartier afstand van Varazdin ligt Varazdinske Toplice, een dorp dat bekend is om zijn zwavelhoudende warmwaterbronnen. Al in de derde eeuw voor Christus gebruikten de Romeinen deze plaats als kuuroord. Hoewel de bronnen door plunderingen en aardverschuivingen in onbruik raakten, is Toplice tegenwoordig weer een bekend kuuroord. Bij de bouw van het huidige kuurcomplex stuitte men op Romeinse restanten die het Archeologisch Museum annex toeristenbureau bekeken kunnen worden. Vlakbij het museum is een afgraving waar de archeologische vondsten vandaan komen.
Varazdin is vanaf Zagreb met de bus in een uur en drie kwartier bereikbaar. De keuze om bijvoorbeeld de bus van 8 uur 's ochtend te nemen, is ook een keuze voor een bepaalde busmaatschappij. Als je een retourtje koopt, moet je voor de terugreis in principe wachten op een bus van diezelfde maatschappij en dat kan uren duren want er is geen dienstregeling met vaste intervallen. Soms komen er twee bussen in een uur; dan weer twee uur niets. In de praktijk, bleek ons, doet de conducteur (die heb je hier ook in de streekbus) niet moeilijk als je met een kaartje van de "verkeerde" maatschappij instapt.