Vuurtje stoken in een natuurpark

Deze zomer waren we op een snikhete dag te gast bij een Finse vriendin in Kutina, een uurtje rijden van Zagreb. Kutina ligt aan de rand van natuurpark Lonsko Polje en we spraken af nogmaals naar Kutina te komen om het park te verkennen. Er ging wat tijd overheen, maar onlangs reden we dan toch voor de tweede maal naar Kutina. (We hingen lange tijd achter een Nederlandse bestelauto, met reclame voor een bedrijf dat houten speelgoed maakt.) Een vriend van een vriendin van een vriendin kende het park op zijn duimpje en we reden hem achterna de natuur tegemoet. Zonder gids heeft het geen zin om het park te bezoeken, want je zou het in de eerste plaats niet eens kunnen vinden. Over een onverharde weg kom je door een Roma-dorp waar kinderen vlak voor de neus van de auto levensgevaarlijke capriolen uithalen. Eenmaal buiten het dorp zie je een surrealistisch landschap voor je: een niemandsland vol geplette autowrakken, koelkasten en halfingestorte huizen. Als klap op de vuurpijl rijd je langs een dijk waarachter een gigantische hoeveelheid fosfor is opgeslagen. Na nog een tijd een weg vol kuilen te hebben gevolgd, reden we een bos in en stopten bij een picknickplaats, vlakbij een riviertje met bruin water. Langs de oever lagen wat gammele bootjes en op de kant stond een stokoude Mercedes.
Tijd voor een stevige lunch! Op aanwijzing van onze gids sprokkelden we hout om meegebrachte worsten (kobasice) en net gevangen vis te roosteren. Het is moeilijk voorstelbaar dat er veel huist in het bruine water, maar het is een waar vissersparadijs. Terwijl onze gids de maaltijd bereidde, bracht zijn vriend ons met een bootje naar zijn houten weekendhuisje (vikendica) aan de overkant. Daar werden we opgewacht door een groepje mannen op wier gezondheid we het tweede en derde bekertje rakija dronken. Van zoveel drank moet je naar het toilet (er was zelfs wc-papier).
Terug bij de gids lieten we ons de vis, worst en zelfgemaakte wijn goed smaken. Na de lunch stapten we weer in het bootje en voeren we over een kanaal dat in opdracht van Frans Jozef met blote handen was uitgediept ten behoeve van de scheepvaart. Als de sneeuw smelt, stijgt het waterpeil in Lonsko Polje met twee tot drie meter en is een veel groter deel bevaarbaar. De gids wees ons op de horizontale streep op de bast van veel bomen; tot zo hoog was het water dit voorjaar gekomen. Na nog een vikendica en een paar ziveli's (proost) togen we richting Krapje - een dorp langs de Sava waar we wegens het duister niets van hebben gezien - voor fis paprikas, een specialiteit uit Slavonië. De pittige paprikasoep met stukken riviervis smaakte goed, en de soep in het bijzonder.
Voorlopig heb ik het wel even gehad met riviervissen. Ze hebben nogal veel graat en hoe meer je ervan eet, hoe sterker je aan het modderige water moet denken waarin ze gedijen. Op de terugweg naar Kutina stopten we om linksaf te slaan, totdat onze gids een politiewagen zag en besloot rechtdoor te rijden. Dat vond de politie een vreemde manoeuvre en dus werden we staande gehouden voor een alcoholcontrole. Onze chauffeur kwam er goed vanaf, de gids minder. Gelukkig was er vlakbij een café waar we de schrik konden wegdrinken.

Verheerlijking van het kwaad

Vorige week werd in het concentratiekamp Jasenovac een museum en een eductiecentrum geopenend. Jasenovac was het grootste kamp dat door Kroatische fascisten (Ustase) werd gebouwd om Kroatië te reinigen van Serviërs, joden en zigeuners. Nota bene Italiaanse en Duitse troepen in de Balkan keken vol verbazing toe hoe meedogenloos de Ustase te werk gingen. Tijdens de opening van het museum zei president Mesic dat wie in Jasenovac rondkijkt niet kan begrijpen waarom sommige jongeren Ustase-symbolen dragen en het fascisme aanhangen. Hij bracht ook in herinnering dat, om eenheid te smeden onder de Kroaten, sommige politici in het begin van de jaren negentig koketteerden met de Kroatiës Ustasa-verleden. En dat gebeurt nog altijd.
Zagreb is vergeven van de graffiti en onderstaande symbolen kom je regelmatig tegen. De "U" staat voor de Ustase, soms met een katholiek kruisje erboven om orthodoxen angst aan te jagen: de Ustahe noemden Serviërs "Kroaten die het oosterse geloof aanhangen". Om de foto's te maken hoefde ik niet ver te lopen, want alle symbolen zijn op en rond het terrein van de Faculteit Filosofie te vinden.

Grote Vier

De voetbalcompetitie in Kroatië is het volgen niet waard. Behalve Dinamo Zagreb en Hajduk Split doet geen enkele van de tien overige clubs in de hoogste divisie echt mee om de landstitel. Het is wel eens grappig om op televisie een wedstrijd tussen bijvoorbeeld Medumorje en Varteks te zien: slecht gras en slecht voetbal, geen tribunes, een handvol supporters die achter een reclamebord staan. Maar spannend is het niet.
Omdat de competitie veel lijkt op die in Servië (daar maken Rode Ster en Partizan, beide uit Belgrado, de dienst uit) kwam Rode Ster-voorzitter Dragan Stojkovic al anderhalf jaar geleden met het plan om in Belgrado de Grote Vier tegen elkaar te laten spelen. Sindsdien is het plan regelmatig onderwerp van discussie. Dinamo ziet er wel wat in, Hajduk niet. De Hajduk-voorzitter wil wel een regionale competitie met clubs uit Oostenrijk, Slovenië, Hongarije enzovoort, maar herhaalt "voor de honderdste keer" geen zin te hebben in een "yu-liga". Kortom, leuk voetbal is nog heel ver weg.

Afgang in Amerika

Kroatiës grootste popster heet Severina. Op de Balkan is ze zo beroemd dat ze alleen met haar voornaam wordt aangeduid. Daarbuiten is Severina Vuckovic vooral bekend als deelneemster aan het Eurovisiesongfestival 2006 - ze werd dertiende - en om een uitgelekte seksvideo waarin ze de hoofdrol speelt. Voor een beetje ster is Kroatië al snel te klein en ook Severina besloot het in de Verenigde Staten en Canada te proberen. Daar wonen per slot van rekening tienduizenden ex-Joegoslaven die haar een warm onthaal zouden bezorgen. In 24Sata, het slechtste dagblad van Kroatië, konden we lezen hoe Severina als een "Hollywood diva" naar Atlanta reisde: de reis duurde 11 uur en koste 9.000 euro. In Atlanta werd ze opgehaald met een luxueuze Hummer die plaats bood aan een man of twintig. En daarmee hield het op, want al een paar dagen later zien we foto's van een humeurige Severina die met haar manager door een uitgewoonde wijk in Zagreb loopt. De tournee is namelijk enorm geflopt. In Atlanta werden slechts 50 kaarten verkocht en in Los Angeles maar 20. Volgens de organisator werd ze geboycot door de Kroatische diaspora: radiostations maakten geen reclame en er waren veel te weinig posters opgehangen. In Vancouver zou zelfs zijn gedreigd met een bomaanslag. De reden: het organiserende bedrijf wordt geleid door een Serviër. Bovendien zouden Severina's concerten plaatsvinden op neutraal terrein - dat wil zeggen: in zalen waar eerder ook Bosniërs en Serviërs optraden - en niet in speciale Kroatische clubs.

Muzikaal protest

Hladno pivo, Let 3, Blackout Project, Sajeta, Davorin Bogovic, Gustafi, Vjestice, Psihomodo pop. Met uitzondering van Hladno pivo had ik nog nooit van deze groepen gehoord, maar veel Kroaten kennen de teksten van hun nummers uit het hoofd. Op 21 november speelden ze allemaal op Trg bana Josipa Jelacica, net als tien jaar geleden toen zij muzikaal protesteerden tegen de autoritaire Kroatische president Tudjman. De aanleiding voor het concert op 21 november 1996 was de dreigende privatisering van de zender Radio 101 en de verkoop van het station aan een mediatycoon die nauwe banden had met het regime. Op die manier wilde Tudjman een einde maken aan de harde kritiek van Radio 101 op zijn persoon. Maar bovenstaande bands en ruim 100.000 burgers dachten daar anders over.
Het concert was de uitkomst van een proces dat al jaren eerder was begonnen en waarin de huidige president Stipe Mesic een hoofdrol speelde. Hij splitste zich met een aantal volgelingen in 1994 af van Tudjmans regerende HDZ (Kroatische Democratische Unie) uit onvrede over diens Bosnië-politiek en autoritaire gedrag. Mesic hoopte dat de HDZ zijn parlementaire meerderheid zou kwijtraken, maar dat gebeurde niet. Ondanks Tudjmans gesjoemel met districtsgrenzen hadden Mesic' nieuwe partij HND (Kroatische Onafhankelijke Democraten) en andere oppositiepartijen succes op lokaal niveau, zoals in Zagreb. Deze oppositie droeg een burgemeester voor, maar Tudjman weigerde die te erkennen waarop een lange politieke crisis in de hoofdstad volgde, met het Radio 101-concert als hoogtepunt. Vorige week traden alle bands die in 1996 meededen weer op, waaronder Let 3 (foto). Wie denkt: "Heeft die kerel op de foto nou een vis om z'n nek hangen?" heeft het trouwens goed gezien.

Vlaggenschip

Wat de Dacia was voor Roemenië en de Trabant voor Oost-Duitsland, was de Zastava voor Joegoslavië. Joegoslaven die in een Westerse auto reden en bijvoorbeeld een collega naar huis brachten, wisten precies of hun passagier eveneens een Westerse auto had of een Zastava. In het laatste geval gooiden ze namelijk ook de deur van een Opel of Renault met een rotsmak dicht. In Servië en Montenegro stikt het nog van de Zastava's, maar in Kroatië zie je ze steeds minder. Of beter gezegd: de Zastava neemt steeds minder deel aan het verkeer en brengt zijn laatste dagen door langs een stoeprand of in de achtertuin. Je Yugo of Zastava laten repareren werd na de oorlog lastig, want de fabriek staat in het Servische Krugujevac.
De voormalige industriële trots van Servië leidde de afgelopen twintig jaar een zieltogend bestaan. Een groot deel van de afzetmarkt viel na 1991 weg en de fabriek werd in 1999 zwaar gebombardeerd door de NAVO. Sindsdien probeert Zastava weer auto's te produceren, maar veel vaart zit er niet in. Het nieuwste model, de Zastava 10, wordt vooralsnog in Italië gemaakt, maar in 2007 zou deze namaak Fiat Punto in Kragujevac van de band moeten rollen. En sommige onderdelen zouden wel eens uit Kroatië kunnen komen. Zatava-directeur Zoran Bogdanovic was namelijk onlangs in Zagreb om te overleggen met Kroatische producenten van auto-onderdelen. "Lever aan Zastava in Servië en krijg betaald door Fiat uit Italië" was de kern van zijn boodschap.

In de kiem gesmoord

Al jaren keek ik er verlangend naar uit: goedkoop vliegen naar, van en in de Balkan. Dit jaar leek het budgetvliegen eindelijk echt van de grond te komen. De trams in Zagreb zijn beplakt met reclame voor Germanwings, waarmee je voor een paar tientjes naar Keulen, Stuttgart, Hamburg en Berlijn kunt vliegen, en Wizz Air onderhoudt sinds maart een verbinding tussen Zagreb en Londen. Daarnaast zijn er een paar goedkope vluchten van en naar Pula, Dubrovnik, Zadar en Split, maar die worden vooral in het zomerseizoen aangeboden. Als je in Zagreb woont en naar een ander land dan Duitsland of Engeland wilt, kun je het beste met de trein naar Boedapest reizen en daar vandaan vliegen. Even leek het erop dat je vanaf deze herfst ook Belgrado als uitvalsbasis kon gebruiken, want in Servië was Centavia begonnen met het aanbieden van goedkope vluchten. En meer dan dat: je zou zelfs van Zagreb naar Belgrado kunnen vliegen.
Helaas was Centavia geen lang leven beschoren. B92 meldde op vorige week dat het bedrijf wegens tegenwerking op allerlei fronten er de brui aan geeft. De Servische markt zou simpelweg nog niet klaar zijn voor gezonde concurrentie. Het buitenland werkte ook niet mee. Kroatië en Montenegro gaven Centavia geen toestemming om in Zagreb en Podgorica te landen wegens onopgeloste problemen met Servië. Dus wie naar Belgrado wil is nog altijd aangewezen op de Autoput bratstva i jedinstva (snelweg van Broederschap en Eenheid) of op de trein. Reistijd: 6 tot 7 uur. Afstand: 400 kilometer.

Boekenbeurs

Van 7 tot 11 november werd in Zagreb de jaarlijkse boekenbeurs gehouden. In twee hallen van de RAI van Zagreb (Zagrebacki velesajam) toonden Kroatische uitgevers hun nieuwste waar. Een informatiefolder deelt in het Engels mee dat "vermeld dient te worden dat INFO 2005 meer dan 80.000 bezoekers en aanzienlijke media-aandacht trok. Dit jaar verwachten we meer dan 100.000 bezoekers". Waarop de verwachting is gebaseerd dat dit jaar 25 procent meer bezoekers te boekenbeurs zullen aandoen, weet ik niet, maar ik vermoed dat het te maken heeft met de "besplatan ulaz" (gratis toegang) die de billboards beloven. De toegang was inderdaad gratis en het was druk, zelfs al om 11 uur.
Een vriendin van mij werkte als - ja, als wat? - in een uitgestorven stand waar drie apparaten van Tesla stonden opgesteld. Waarvoor de apparaten dienden, wist ze niet en begeleidende informatie ontbrak. Omdat haar stand niets had om te verkopen (Tesla's apparaten horen in een museum) hielp ze de uitbaatster van een belendende kraam met de verkoop van boeken.
De beloofde twintig uitgevers uit het buitenland kon ik niet vinden, op de vertegenwoordigingen uit Bosnië, Slovenië, Iran, Montenegro en Servië na, maar de Kroatische uitgevers lieten zich niet onbetuigd. Voor een klein land als Kroatië brachten ze veel nieuwe uitgaven en her en der werd zelfs gestunt met prijzen. Dat laatste in Kroatië niet echt gebruikelijk. Bijna alles, en vooral boeken, kost overal min of meer hetzelfde. Daarom kon het Kroatisch Encyclopedisch Woordenboek, dat was afgeprijsd van 600 naar 200 kuna, op warme belangstelling van studenten Kroatisch rekenen. Ik heb zelf ook een exemplaar aangeschaft, zo groot als een Rembrandtbijbel en vijf kilo zwaar. Daarnaast vond ik voor nog geen twee euro The capitalist revolution, altijd handig in een discussie met locals die soms fel tegen het kapitalisme zijn, behalve als het zich manifesteert als Westerse auto, goedkope supermarkt, low cost airline, snelle internetverbinding, hippe schoen, mobieltje, breedbeeldtelevisie...

Belgisch bier

In de supermarkt is het aanbod van buitenlands bier nog erg beperkt, maar Zagreb heeft sinds een paar weken wel een café waar uitsluitend Belgisch nat wordt geschonken. In café Hopdevil - gevestigd in het Branimir centar, niet ver van het Centraal Station - zijn 101 soorten Belgisch bier verkrijgbaar. Voor de aankleding van het café werd maar liefst tien ton Belgisch steen gebruikt dat met een speciaal transport naar Kroatië is gebracht. De muren worden gesierd door levensgrote kopieën van schilderijen uit de renaissance. Volgens de eigenaar, van orgine een Belg, is dit de best voorziene Belgische pub in heel Europa. Hoog tijd dus om poolshoogte te nemen. Helaas stond ik de eerste keer, in gezelschap van verwachtingsvolle vrienden die dit nieuws hadden gemist, voor een dichte deur. Toen ik zei dat in de krant stond "...opent binnenkort..." werd ik hartelijk uitgelachen. Na acht maanden Kroatië had ik inderdaad beter kunnen weten... Een paar weken later schreven drie verschillende kranten dat Zagreb een exclusieve Belgische pub rijk was en dat de opening was verricht door Milan Bandic, de burgemeester. ('t Zou me verbaasd hebben als het anders was geweest. Er gebeurt in Zagreb bijna niks zonder de aanwezigheid van president Mesic of premier Sanader.) Inmiddels ben ik twee keer met plezier in Hopdevil geweest, maar mijn stamcafé wordt het niet. Het is natuurlijk prettig een biertje te drinken dat je nergens anders kunt krijgen, maar de muziek staat te hard en echt comfortabel kun je er niet zitten. De 101 soorten bier moet je ruim opvatten: Westmalle, Westmalle Dubbel, Westmalle Tripel tellen als drie soorten. Exclusief is het zeker, want een biertje doet 3 tot 5 euro. De inwoners van Zagreb lijken er niet om te malen, want elke avond zit Hopdevil stampvol.

Shoppen in Graz

Wie op vakantie gaat naar Kroatië en denkt goedkoop van alles en nog wat mee naar huis te kunnen nemen, komt bedrogen uit. Wie de prijzen in de supermarkten ziet, kan maar moeilijk geloven dat de Kroaat gemiddeld 500 euro per maand verdient. Met name levensmiddelen zijn erg duur. Ook is Kroatië nog verstoken van veel internationale ketens, zodat je voor elektrische apparaten en kleding naar kleine winkels met grote prijzen moet. Bij busbedrijf Daltamacijaturist dachten ze daarom: als de ketens niet naar Kroatië komen, komen wij naar de ketens. Het bedrijf verzorgt voor ongeveer 11 euro (niet als enige overigens) op donderdag en zaterdag speciale winkeluitjes naar Graz in Oostenrijk.
Vanuit Zagreb bezien is Graz de eerste grote stad waar het kapitalisme al geruime tijd zijn zegenrijke werk doet, en waar je dus voor minder geld meer producten van een hogere kwaliteit kunt kopen. Anders gezegd: een Nederlander reist met een bus van vermoedelijk Duitse makelij van Zagreb naar Graz, dwars door Slovenië, om in een Zweedse winkel (IKEA) een braadpan te kopen die in China is vervaardigd. Om van dit staaltje globalisering te kunnen profiteren, moet je wel vroeg opstaan, want de bus vertrekt al om half zes 's ochtends van het busstation (Autobusni kolodvor). Op een paar stoelen na werden alle plaatsen bezet door vrouwen. Rond een uur of negen arriveerden we in Graz. De shoppingbus stopt bij drie verschillende winkelcentra en in het stadscentrum. Drie uur later maakt de bus een rondje langs alle haltes, zodat je een ander winkelcentrum kunt bezoeken en de aangeschafte spullen in de laadruimte kunt zetten. Afgaand op de plastic tassen waren vooral IKEA, H&M, Mediamarkt en Zara populair; stuk voor stuk ketens die geen vestiging in Kroatië hebben. Hoewel ik er niet als Kroaat uitzie, voelde ik me in toch een beetje als een Oost-Duitser die met grote ogen het aanbod in het Westen bekijkt. Zeker als je met een felblauwe IKEA-tas aan de rand van een grote parkeerplaats staat te wachten op een bus naar Zagreb, wil je alle Oostenrijkers toeschreeuwen dat je eigenlijk uit een normaal land komt en je geen flauw idee hebt hoe je tussen al die Kroaten verzeild bent geraakt.
Alle passagiers waren op tijd bij de halte aanwezig en onze bus vertrok tot vreugde van onze reisleidster als eerste. (Die dag reden er nog negen Kroatische bussen naar Graz.) Waarom zij blij was dat wij het Kroatische konvooi aanvoerden, werd me duidelijk toen zij ons de te verwachten rompslomp aan de grens tussen Kroatië en Slovenië uit de doeken deed. De douaniers zouden in de bus stappen en een ieder vragen zijn aankoopbonnen te tonen. De reisleidster waarschuwde ons dat het onverstandig was "Nemam nista" (Ik heb niks) tegen de douanier te zeggen omdat die zich, heel begrijpelijk, niet kan voorstellen dat een Kroaat met een speciale shoppingbus naar Oostenrijk reist om met lege handen terug te keren. Als we pech hadden, zouden we allemaal de bus moeten verlaten, onze aankopen uit de laadruimte moeten halen en deze aan de douanier laten zien. Bovendien is het niet slim een douanier, die in alle Balkanlanden vaak wordt aangenomen wegens zijn onvriendelijkheid, tegen je in het harnas te jagen. In de praktijk bleek het allemaal erg mee te vallen. Bij aankomst aan de grens lag onze bus nog steeds aan kop en de douaniers waren liever lui dan moe. Ze loerden wat in de laadruimte en hoefden onze paspoorten en aankoopbonnen niet te zien. Uit blijdschap over de snelle gang van zaken wond ik me niet op over het kapotte leeslampje boven mijn stoel, maar genoot ik van schaars verlichte dorpjes langs de donkere snelweg.